Het flapje maken met de femtolaser.

De FemtoLasik-methode is snel, pijnloos en betrouwbaar. Het is de laatste nieuwe techniek waarbij het flapje met een femtolaser (IntraLase) wordt gemaakt. Daarna wordt de laserbehandeling verdergezet met de Technolas P100 die de gewenste correctie aan het hoornvlies aanbrengt.

De beschrijving van de verschillende lasers vinden jullie terug onder over OLC/apparatuur.

De Operatie

Bij een laserbehandeling wordt het oog vooraf verdoofd met oogdruppels. Een klemmetje zorgt ervoor dat de oogleden worden opengehouden. Met de IntraLase wordt een oppervlakkig flapje aan het hoornvlies gemaakt en omgeklapt. Dat flapje hangt nog aan één zijde (bovenaan) vast.

Met de excimer-laser, de Technolas P100 van Bausch & Lomb, verdampt de oogchirurg vervolgens het oppervlak van het hoornvlies. Voor bijziendheid maakt de arts het oog vlakker, voor verziendheid boller. Alle nodige berekeningen gebeuren per computer.

Vervolgens wordt het flapje terug in zijn oorspronkelijke positie geplaatst. Het het hoornvlies zet zich meteen vast zodat er geen hechtingen nodig zijn. Het hoornvlies herstelt razendsnel. De volledige behandeling duurt doorgaans minder dan 20 minuten.

Bij een laserbehandeling kunnen beide ogen samen worden behandeld. Hierdoor blijft het evenwicht tussen beide ogen steeds bewaard.

Vele patiënten merken reeds na 4 uur een grote verbetering. Velen kunnen reeds de dag nadien veilig met de wagen rijden. Een werkverlet van drie dagen is meestal voldoende.

Pro en contra

Het grote voordeel van de IntraLasik is dat het flapje met een laser met uiterste precisie wordt gemaakt en dat het hier gaat om een oppervlakkige behandeling. Het risico van bloeding in het hoornvlies of van infectie is uiterst klein wanneer de druppels worden toegediend zoals de oogarts het voorschrijft.

Bij de IntraLasik-operatie is de kans op ernstige complicaties uiterst klein. Zijn er verwikkelingen, dan heeft dat doorgaans te maken met de flap. De flap kan plooien of rimpeltjes vertonen. Deze laatste verdwijnen vaak, al dan niet met een nabehandeling. De oogarts zal dit punt vooraf uitvoerig met je bespreken.

De meest voorkomende neveneffecten zijn:

  • Lichtgevoeligheid, die echter geleidelijk verdwijnt;
  • "Glare": geregeld is er neiging tot verblinding door fel licht (vooral 's avonds);
  • "Halo's": je ziet stralen rond lichtpunten;
  • Verminderd zicht 's nachts en meer moeilijkheden met aanpassing aan het donker;
  • Geleidelijke verandering van het resultaat: na een laser-operatie geneest het oog snel en dus zal er vanaf de derde maand na de behandeling nog weinig verandering van het resultaat zijn;
  • Ondercorrectie: daaraan kan worden verholpen tijdens een tweede behandeling in ​samenspraak met de chirurg;
  • Overcorrectie: ook daaraan kan worden verholpen tijdens een tweede behandeling in samenspraak met de chirurg.